jul 052014
 

Vervlogen jeugdliefde
Honda heeft de have-not’s van toen drie decennia de tijd gegeven om voldoende geld bij elkaar te sparen, en biedt hen met de CB 1300 nu opnieuw hun droommachine aan. Zo zou je althans kunnen redeneren wanneer je Honda’s huidige interpretatie van hun toenmalige Supersport machine voor je ziet staan. Onvermijdelijk komen oude beelden boven, want de nieuwe CB komt met zijn looks zo dicht bij de oude, dat dat niemand onberoerd laat. Alsof je een vervlogen jeugdliefde, bij wie je destijds absoluut geen kans maakte, na een eeuwigheid weer treft en verbluft moet vaststellen dat ze er nog steeds verdomd goed uitziet. Oké, ze heeft hier en daar wat laten liften en is een beetje steviger geworden, maar begeerlijk is ze nog steeds….
En dat verandert niet wanneer je op haar gaat zitten. Want zonder enige gêne mag je stellen dat ze verdraaid goed aanvoelt. En vanaf het eerste contact ook op bijna alle fronten wonderbaarlijk goed past. De fraaie tophalf van de vroegere ‘S’-versie is tegenwoordig standaard, wat het sport-toer karakter van de CB 1300 nog meer benadrukt. De toevoeging ‘S’ die Honda tot nu toe voor de kuipmodellen gebruikte, is dan ook komen te vervallen.

Goedgetrainde meerkamper
Dat er alleen nog maar een versie met tophalf is, zal bijna niemand betreuren, want wie zit er te wachten op een 116 pk sterke en obsceen snelle motorfiets zonder windbescherming? Ik heb sowieso nooit begrepen wat er leuk aan is, dat je armen vanaf 170 km/u langzaam uit de kom getrokken worden, en je nekspieren gelijktijdig proberen de goed vijf kilo zware pingpongbal bovenop je romp in een zware orkaan op koers te houden, zodat je nog een beetje vooruit kan blijven kijken.
Maar met de kleine, krap gesneden tophalf in ‘Pearl Sunbeam White’ of ‘Candy Arcadian Red’ verandert de nutteloos opgepompte naakte muscle-bike in een goedgetrainde meerkamper, die op veel disciplines punten scoort. Ook op het onderdeel Grand Tour.
Hoewel men zich bij Honda van deze kwaliteiten bewust is, zoek je in het accessoire programma vergeefs naar kofferdragers voor de CB 1300, om nog maar te zwijgen van de koffers zelf. Volgens de fabrikant kunnen we binnenkort wel een bagagerek verwachten, en diverse grote kofferfabrikanten schijnen deze Honda inmiddels ook op hun to-do lijst te hebben.

Ergonomisch optimaal
Toch doet het gemis aan een kofferset niet echt afbreuk aan het toerplezier. Je knoopt gewoon een bagagerol op de duozit, hangt rechts en links een paar solide textieltassen aan de motor, en klaar is Kees. Overigens moet de duopassagier – als je die al meeneemt – niet al te groot zijn, want de achterste voetsteunen staan vrij hoog, waardoor de zitposities van piloot en co-piloot absoluut onvergelijkbaar zijn. De berijder kan zich namelijk nauwelijks iets beters wensen dan de ergonomie van deze Honda, die onder alle rijomstandigheden optimaal bij de multifunctionele kwaliteiten van de motor past.
Of je op deze snelle en verbazingwekkend lichtvoetige Honda nu door de krappe bochten van de Haute Savoie slalomt, of op de snelweg met een straf tempo in de stand-by houding zit, het past allemaal. En omdat de buddyseat bij de laatste update een centimeter lager werd, scoort onze stevige Japanse schone ook nog een paar extra punten op het punt hanteerbaarheid.

Verfijnde stoppers
Over pluspunten gesproken: de meest opmerkelijke verandering die bij de update van de CB 1300 is doorgevoerd, is zonder meer het Combined ABS systeem, dat de motor naar het niveau van een breed getalenteerde alleskunner tilt. De dikke viercilinder krachtbron was al bijna niet te verbeteren, en omdat ook het rijwielgedeelte zijn mannetje staat, mochten de remmen niet achterblijven. Honda’s integrale remsysteem stelt wat dat betreft absoluut niet teleur, want , dat je zowat nog liever remt dan accelereert.
Het Combined ABS maakte al op diverse andere Honda modellen grote indruk en is een stukje hogeschool van de remkunst. Op de CB 1300 is dat niet anders. Met het remhendel bedien je in totaal vijf remzuigers van de voorrem, maar de eigenlijke clou zit in de voetrem. Die bedient tegelijkertijd één remzuiger voor en één remzuiger achter, waardoor je op een geheel andere manier gaat remmen. Wie normaliter veel met het remhendel remt, zal zich misschien afvragen met hoeveel gevoel je met de voet kan remmen. Maar zelfs in de bochtenrijke Haute Savoie met zijn aaneenschakeling van steile klims en afdalingen konden we het bijna alleen met de voetrem af.
Pas wanneer je de krachtige motor de vrije loop laat en de bochten nog wat sneller op je afkomen, ben je blij met de ondersteuning van de voorste schijven. Niet de minste neiging tot oprichten bij remmen in de bocht, niet wachten tot het drukpunt begint op te bouwen, en geen ongerust gevoel dat je voor of achter de blokkeergrens overschrijdt – zó moet een remsysteem gewoon functioneren. In combinatie met het fijn regelende ABS behoren deze stoppers absoluut tot de meest uitgerijpte remsystemen op de markt.

Lange traditie
Natuurlijk verleidt dit enorme remvermogen je er toe, de potentie van de motor af en toe volledig te benutten, zeker in het begin. De beresterke, 1284cc grote krachtbron is in deze motorfiets niet alleen optisch fraai aanwezig, zijn specificaties laten nog méér zien waar de ziel van deze motor ligt. Honda heeft een lange en glorieuze traditie op het gebied van viercilinder lijnmotoren, en de enorme ervaring die ze daarmee opdeden is tot in de kleinste details in deze krachtbron verwerkt.
Het CB-blok is krachtig, loopt perfect en levert uiterst gecultiveerd en zeer precies doseerbaar het vermogen dat je wenst, waarbij het hoegenaamd niet uitmaakt in welke versnelling je rijdt. Boemel je in de hoogste versnelling met een zeer laag toerental, dan hangt de CB net zo zuiver en soepel aan het gas als wanneer je met een hoog toerental een bocht uit katapulteert. En iedere keer verbaas je je weer over de onuitputtelijke kracht van deze motor, en de prachtige vloeiende manier waarop hij zijn vermogen opbouwt.
114 Paarden – vandaag de dag in deze klasse geen bijzondere waarde – trekken aan de ketting, maar ze zijn in alle situaties zo buitengewoon makkelijk afroepbaar, dat je er bijna euforisch van wordt. Koppel is er zat en ook een hoop verfijnde techniek, waaronder een mooie 16-kleps kop met dubbele bovenliggende nokkenassen, een indrukwekkend goed functionerende vijfbak, en een uitstekende injectie die voor het nieuwe model een kleine update kreeg. Maar je vergeet al die nuchtere mechanische en elektronische feiten direct zodra je rijdt. Want rijplezier schrijf je bij deze motor met hoofdletters.

Subwoofer
Een viercilinder zoals die van de CB 1300 zou kunnen brullen als een leeuw, blazen als een Puma of burlen als een hert, maar de Honda technici gingen voor de beer. Wat de vier kronkelende uitlaatbochten door een geregelde katalysator van voren in de schoorsteendikke uitlaatdemper pompen, komt er van achteren als een diep grommen weer uit en wel met zo’n geweldige bastoon alsof er ergens nog een subwoofer meedoet. De indrukwekkende sound laat er geen misverstanden over bestaan dat je hier met een potent blok te maken hebt. Het maakt turbine-achtige toeren, waarbij de donkere brom verandert in het woedende gezoem van een op hol geraakte zwerm wespen die onder een veel te kleine kaasstolp zit. Hoewel de Honda nooit té rumoerig wordt, komt hij fonetisch toch zo potent over, dat er geen twijfel bestaat over zijn prestaties. En goede prestaties levert de CB 1300 ook nog op een ander gebied.
Want met de volgetankt 271 kilo zware CB zwier je ongelooflijk licht over het asfalt, en je moet hier echt zoeken naar minpuntjes. Waarbij je overigens niet moet denken dat de CB 1300 supersport kwaliteiten heeft, want de kneepad mannen behoren beslist niet tot de door Honda gedefinieerde doelgroep. Deze CB heeft niets gemeen met de hectiek van supersport machines, en maakt veel meer indruk met zijn vanzelfsprekende superioriteit, z’n uitmuntend mooi lopende motor en onverstoorbaar stabiele weggedrag. In alle situaties brengt hij het vermogen zo strak en betrouwbaar op de straat, dat je denkt dat de CB een peperdure frame- en achtervork constructie heeft en een uitzonderlijk veersysteem. Maar , die de neoklassieke look van de machine nog eens extra onderstrepen.

Onverstoorbaar
Ook de rest is snel verteld: twee 17-inch velgen, waar vóór een 120 en achter een 180 band omheen ligt, een bescheiden wielbasis van 1510 mm, een 43 mm telescoopvork met klassieke balhoofdhoek, en klaar is het bochtenplezier. Daarbij is het Honda zeer goed gelukt de gulden middenweg te vinden tussen stabiliteit en lange afstandscomfort enerzijds, en een lichtvoetige handling anderzijds. Want dit meer dan 250 kg zware projectiel laat zich bij hoge snelheden absoluut niet door slecht wegdek van streek brengen, en weet ook uitstekend raad met snel opeenvolgende bochten. De hele motorfiets geeft je steeds het veilige gevoel, in alle situaties onverstoorbaar koers en bodemcontact te houden, wat er ook onder de wielen doorrolt.
Net als de motor en de remmen bergt dus ook het rijwielgedeelte het risico in zich, dat de berijder de grenzen van zijn rijvaardigheid overschrijdt. Want alles gaat zo licht en makkelijk, dat het moment komt dat je inderdaad vergeet welke hoeveelheid massa er in beweging is. De sportief-optimistische manier waarop ik een linkerbocht om een verraderlijk uitstekende rotspunt ten noorden van Bourg St. Maurice rondde, zal ik mijn leven niet vergeten, alleen al omdat ik tot op de dag van vandaag nog steeds niet weet, hoe ik om de frontaal op me afkomende bus heen ben gekomen. De rechtop zithouding, het brede stuur, de fameuze remmen en 30 jaar rijervaring moesten er allemaal aan te pas komen om zonder kleerscheuren de bocht te halen.

Mooi van eenvoud
De Honda is wat dit aangaat een echt loeder: zelfs de nuchterste motorrijders onder ons lopen in zijn zadel het gevaar te muteren in baldadige jongens. En dat blijft ook na een lange toerdag op de prachtige kronkelende wegen rond de Mont Blanc, want mens en machine hadden daar hoegenaamd geen last van vermoeidheidsverschijnselen. Het zal wel komen door één of ander Endurance-gen uit de roemrijke Bol d’Or geschiedenis van de CB, alleen gaat dat uithoudingsvermogen nu ook nog eens gepaard met een buitengewoon hoog comfort en fulminant goede remmen. Kortom, een uitzonderlijk totaalpakket, dat overigens gevrijwaard is van onaangename sterallures.
In tegendeel zelfs. De CB gaat voor het klassieke understatement ‘mooi van eenvoud’, en daarmee is niet alleen zijn uiterlijk maar ook zijn hele karakter beschreven. Aan deze machine zit niets te veel, alles zit op de goede plaats, en met geen enkel detail zet deze Honda nieuwe maatstaven. Het is naast zijn look vooral het onberispelijke samenspel van alle componenten, waardoor hij boven de grijze massa uitsteekt.
Ook de verdere aankleding is niet bepaald overladen. De kuip voldoet aan alle verwachtingen die je aan een kuip kan stellen, er zijn zelfs twee kleine opbergvakjes, waarvan één afsluitbaar. Voor z’n bescheiden afmetingen biedt hij een zeer aanvaardbare windbescherming, waardoor je niet als een vlag aan het stuur hangt, wanneer je even vlot wil doorstomen naar de topsnelheid van 230 km/u. Het instrumentarium bestaat uit twee ronde klokken die op rustige wijze toerental en snelheid weergeven, de schakelaars zitten daar waar ze al tientallen jaren op Honda’s zitten, en de twee hoog op de kuip aangebrachte spiegels bieden ook aan fors gebouwde rijders een opmerkelijk goed zicht naar achteren.

Geen koopje
Het brandstofverbruik van de Honda is bescheiden en pendelt al naar gelang je rijstijl tussen de 1:14 en 1:16, waardes waarmee je in deze klasse tevreden kan zijn. De tankinhoud ligt met 21 liter eveneens op het niveau van een volwaardige toermotor en maakt lange etappes mogelijk. Ook hier valt dus niets op aan te merken – en dus rijst de vraag of er dan helemaal niets over de CB 1300 te klagen valt?
Om het antwoord maar gelijk te geven: nee, zover gaat het nu ook weer niet. Ook bij de geüpdatete Honda CB 1300 zit nog een addertje onder het gras. Hij is namelijk bijna even duur als zijn verre voorganger, maar dan wel in euro’s. €14.290 moet je neertellen om hem je eigendom te mogen noemen. Maar oké – we hebben dan ook dertig jaar de tijd gehad om dat bij elkaar te sparen.